Home Theater Workshops Beeldende kunst Film Projecten Het laatste nieuws!

De CatalanenPers

Vader en zoon
Altijd leuk, naar een première in het Bernleftheater in Rottum. De sfeer van het theater heeft iets speciaals, iets feestelijks. Theatergroep de Catalanen bestaat 10 jaar en uiteraard heb ik deze groep eerder zien spelen. Tien jaar lang zelf teksten schrijven en theater maken is al bewonderenswaardig, maar als je het kunt zoals de Catalanen dat doen, is dat pas echt knap.

Ton Meijer heeft weer een prachtige tekst geschreven. De tekst is zo mooi dat ie af en toe niet helemaal vloeiend uit de monden van de spelers komt (omdat het eigenlijk spontaan gesproken zou moeten worden), maar dat heeft mogelijk met de premièrespanning te maken.

Een verrassend stuk, op meerdere momenten. Op het programma staat het al: 'een herkenbaar thema, maar de vorm die eraan wordt gegeven zal de toeschouwer zeer verrassen' .En ik werd verrast. Door de tekst, door het spel van zowel Ton Meijer (vader) als GermtGringhuis (zoon) en door de wendingen. Veel tekst, hier en daar misschien iets te veel, maar tijdens al die woorden werd er functioneel met de mise-en-scène gewerkt. Er is spanning tussen de spelers en er is spanning in de tekst. Je weet niet waar het naartoe gaat. Net als je denkt dat er dan wel iets in een bepaalde richting zal gebeuren, gebeurt er iets heel anders!

Het is al bijzonder dat een zoon aan zijn vader iets komt vertellen. Maar het is nog veel specialer als blijkt dat vader en zoon elkaar vijftien jaar niet gezien hebben en een duidelijk moeizame band met elkaar hebben. Dan verwacht je verhalen, beschuldigingen over dingen als incest of mishandeling, maar dat is helemaal niet aan de orde.

Ook is het niet eind goed, al goed, wat je misschien verwacht. Nee, de verhoudingen blijven zoals ze waren. Een mooie tekst die mij aangreep. Ook het spel vond ik mooi, ondanks enkele mindere momenten (soms te snel overtuigd, een inconsequent oude-mannen-Ioopje).

Een zeer geslaagde jubileumuitvoering dus, wat mij betreft. Zo wil ik graag vaker naar het theater
Elisa Noordermeer ( voor het blad BLICK)

Uit: Dagblad van het Noorden Pauline van der Kolk
“Een subtiel staaltje van minimalistisch theater”

Twee mannen, een terras en een gesprek waar geen touw aan vast valt te knopen. De eenakter Poging tot Dansenvan schrijver en acteur Ton Meijer bevat bijzonder weinig ingrediënten. Desalniettemin boeit de voorstelling drie kwartier lang, van de eerste tot de laatste minuut. In het stuk gaat het namelijk niet zozeer om wat er gezegd wordt, maar hoe het gezegd wordt en met welke intentie. Gedanst wordt er niet met lijf en leden, maar met woorden en zinnen. De spelers Ton Meijer en Uulco Slangenberg leveren met deze psychologische dansles een subtiel staaltje van minimalistische theater af.

 


Een gedeelte uit de recensie van ZITTEN voor het GCA Blad
“In een zeer goed gevuld theater omringd door enthousiaste toneelliefhebbers heb ik een vol uur mogen genieten van de strapatsen van een heer en zijn kompaan, omtrent talloze en somtijds weergaloze, absurde taalspelletjes, zeg maar gerust enigszins virtuositeiten, omtrent een stoel, zo nodig zitplaats, door de heer gezien als eigen zitplaats, belaagd door een zekere buurman zijnde zijn kompaan, die het ongure plan had opgevat, het hevige verlangen te hebben, om des heren zetel, aan hem toebehorend, te zijner tijd te willen bezetten en daarvan met volle teugen schaamteloos te genieten, doch niet wetende, dat de heer daar als rechthebbende ten ene male niet van gediend was en dit blijkens allerlei niet voor duidelijkheid te wensen ludieke bewoordingen probeerde duidelijk te maken, doch tevergeefs, aangezien de kompaan uiteindelijk toch de zo gekoesterde zetel in bezit nam. Om een indruk te geven van de fraaie bewoordingen, waarin de dialogen van de heer en zijn kompaan zijn vervat hier enige citaten, zonder daarbij de schrijver tekort te doen."Draagt u veel duisternis in u"; "ik zoek het licht in mezelf";"mijn kijken baart mij geen zorgen"en "hij vertelde een anekdote van de hoogst mogelijke kwaliteit". Allemaal voortreffelijke, nu en dan hilarische( vol) zinnen, schatplichtig aan het absurdisme, die het verdienen, nog nog eerder er om schreeuwen, een theatrale uitvoering te krijgen, teneinde een maximaal effect bij de toeschouwer te bewerkstelligen”

Uit Dagblad van het Noorden:
Poging tot Dansen werd opgevoerd in de theaterserie Brood en Spelen van de Groningse Openbare Bibliotheek. Meijer schreef het als hommage aan de taal en aan de schrijvers van het absurdistisch theater uit de jaren '50. In zijn eenakter zijn duidelijke invloeden te herkennen van Becket en Ionesco. Twee mannen, gekleed in een pak, ontmoeten elkaar op een terras en proberen elkaar middels een onnozel lijkend gesprek te bereiken. Er wordt gespeeld met de conventies van de taal, grenzen worden verkend en opgerekt. Zo bevatten zinnen met verwijswoorden, geen object van verwijzing, heeft het gesprek opvallende wendingen voor een eerste ontmoeting ("heeft u wel eens een vrouw bereden") en laten de heren zich meeslepen door hun op hol geslagen verbeeldingskracht.

Wat op het toneel gebeurt, is misschien niet nieuw maar vormt wel een verrassende bijdrage aan het absurdistisch toneel. Tijdens hun ingetogen spel spuwen de acteurs soms klinkende zinnen uit en dat terwijl ze menen dat taal 'een soort jammer'is. "Woorden zijn net roofdieren, ze bespringen je als je er niet op verdacht bent", aldus een van de personages. In de eenakter is taal naast een 'jammerige' schreeuw om aandacht, een middel om vooroordelen te uiten, ook een middel om aan te trekken en af te stoten. In hun zoektocht naar elkaar draaien de heren om elkaar heen.

Ton Meijer speelt het ogenschijnlijk sterkste personage. Zelfverzekerd en eigenzinnig dwingt hij met prangende vragen zijn gesprekspartner tot antwoorden. Uulco Slangenberg speelt het meer onbeholpen type, weifelachtig en stamelend. Af en toe lijkt hij op te leven, totdat hij door de ander weer verbaal wordt neergesabeld. Hij laat zich uithoren over zijn 'grote witte vriend', en meevoeren in de fantasie van de jaloerse ander, waarin deze 'witte kanjer' een smeerlap is, een kindermoordenaar. In korte tijd draaien de opvattingen van beide mannen 180 graden de andere kant op en daarna nog een keer, zodat ze weer terugkeren bij hun oorspronkelijke mening. Het is een vreemd taalgegoochel waar de acteurs zich mee bezighouden. Maar als de woorden roofdieren zijn, is hun spel een aangename roofdierenshow.

Een gedeelte uit het verslag in Het Dagblad van het Noorden over het Theaterfestival Groningen van Minke Muilwijk Stuk over subtiele machtsspelletjes kroon op Theaterfestival:
"De kluchtigheid en het cynisme maakten na de pauze plaats voor twee zelfgeschreven voorstellingen uit de stad Groningen, waarvan vooral "Poging tot dansen" van Ton Meijer met zijn surreële en tegelijkertijd zeer herkenbare dialogen een geweldige indruk maakte. Moest Arnoud Vonks solipsistische voorstelling "Ich gehe!"over dromen en desillusie het vooral hebben van voordracht en timing, in "Poging tot dansen"kreeg het publiek de onversneden paranoia en subtiele machtsspelletjes van twee middelbare mannen die hun eenzaamheid proberen te overschreeuwen. "Poging tot dansen"was de kroon op het festival”

Uit Levende Talen Magazine
“Een turbulente nascholing”

In plaats van een duurbetaalde nascholing kan het geen kwaad om eens een acteur de school binnen te halen. En als dat de acteur Ton Meijer is, ziet u ook nog eens iemand die het zelf allemaal heeft meegemaakt. In zijn monoloog "De turbulente nacht van Meneer P."toont Meijer de nacht van een leraar Nederlands voor de laatste dag die hij op school mee zal maken. In het kleine uur die de voorstelling duurt, weet Meijer het publiek zeer te boeien met zijn literaire tekst, vele perspectiefwisselingen maar bovenal de herkenbaarheid van de aangesproken motieven.

Gedurende de hele voorstelling toont "Meneer P."een leraar Nederlands die je niet wilt zijn, maar wiens gevoelens je af en toe voor de klas, in de docentenkamer, aan je bureau of op weg naar huis zelf hebt. De voorstelling begint met een stapel leesdossiers waar P. zich, gesteund door de fles, doorheen zwoegt. de drank die hij daarbij nuttig, maakt hem, naar zijn eigen zeggen, lucide. Die luciditeit dwingt meneer P. uiteindelijk een daad te stellen. Een daad van verzet tegen de zes-min-cultuur waardoor hij zich omringd weet.

De spiegel die ons daarmee voorgehouden wordt, kan aanleiding zijn om met collega's in gesprek te komen over de vraag waar we ons in ons onderwijs mee bezig houden. Zeer geschikt om op school "ter lering ende vermaeck"te boeken.